Naar de inhoud
FRNL
Home›Artikels›Het rekenrek in de lagere school

Wiskunde begrijpen · Praktische gids

Het rekenrek in de lagere school

Het rekenrek is een eenvoudig telraam met twee stangen van tien rode en witte kralen. Het helpt kinderen om getallen te zien in plaats van ze één voor één te tellen. Zo gebruik je het voor getallen tot 20, de dubbels, de vriendjes van 10 en de brug over 10.

Ook in het FransLire en français
Mathia, de mascotte van ProfMathia

Begrijpen. Proberen. Uitleggen.

Bijgewerkt op 1 november 2026 · 6 minuten lezen

Wat is een rekenrek?

Het rekenrek werd in Nederland ontwikkeld voor het rekenonderwijs, en wordt ook in Vlaanderen veel gebruikt. Het bestaat uit twee horizontale stangen met elk tien kralen: vijf rode en vijf witte. In totaal zijn er dus 20 kralen. Anders dan bij een telraam waar je elke kraal telt, is het rekenrek gemaakt om groepjes van 5 en 10 zichtbaar te maken, zodat je kind hoeveelheden in één oogopslag herkent. Er bestaan ook versies met 100 kralen en tien stangen.

De gouden regel: één beweging

In het begin staan alle kralen rechts. Om een getal te tonen, schuif je de kralen naar links in één beweging, zonder ze één voor één te tellen. Voor 7 schuif je in één keer 5 rode en 2 witte kralen op de bovenste stang. Voor 13 schuif je de hele bovenste stang (10) en 3 kralen van de onderste stang. Die regel verplicht je kind om in structuren te denken: 7 is 5 en 2; 13 is 10 en 3. Daar zit de kracht van het hulpmiddel.

Een getal lezen zonder tellen

De volwassene toont een hoeveelheid, je kind zegt hoeveel het ziet, zonder te tellen. Dankzij de kleuren herken je 6 als “alle rode en één witte”, 9 als “een bijna volle stang, er ontbreekt één kraal”. Dat snel herkennen van hoeveelheden heet subitizing en is een sleutelvaardigheid voor hoofdrekenen. Toon de hoeveelheid maar twee of drie seconden en verberg het rekenrek daarna, om herkennen te stimuleren in plaats van tellen.

De vriendjes van 10

Op één stang zie je de vriendjes van 10: schuif je 7 kralen naar links, dan blijven er 3 rechts. 7 en 3 zijn samen 10. Je kind kan zo alle paren ontdekken en op elk moment controleren. Een klassieke activiteit: de volwassene bedekt een deel van de stang met de hand en zegt “ik heb 6 kralen geschoven, hoeveel blijven er over?”. Lees ook de vriendjes van 10.

Dubbels en bijna-dubbels

De twee stangen zijn perfect voor dubbels: 6 + 6 is 6 kralen op elke stang, dus twee keer “5 rode en 1 witte”. Je kind ziet 10 rode en 2 witte, dus 12. Voor een bijna-dubbel zoals 6 + 7 toont het 6 boven en 7 onder: het dubbel van 6 plus één kraal, dus 13. Het rekenrek maakt rekenstrategieën zichtbaar. Lees ook dubbel en helft.

De brug over 10

Voor 8 + 5 schuift je kind 8 kralen op de bovenste stang en 5 op de onderste. Het ziet dat er 2 kralen ontbreken om de bovenste stang vol te maken: het “verplaatst” in gedachten 2 kralen van onder naar boven. Dan ziet het 10 en 3, dus 13. Het rekenrek toont de brug over 10 heel concreet. Na een tijd heeft je kind het materiaal niet meer nodig en stelt het zich de kralen voor. Lees ook optellen en aftrekken tot 20.

Aftrekken met het rekenrek

Voor 14 − 6 toon je 14 (een volle stang en 4 onder), en neem je 6 kralen weg: eerst de 4 onderaan, dan 2 op de bovenste stang. Er blijven 8 over. Je kunt ook het verschil zoeken: van 6 tot 14, hoeveel kralen moet je erbij doen? 4 tot 10, en dan 4 tot 14, samen 8. Beide strategieën zie je op het rekenrek, en je kind kiest wat bij hem past.

Het rekenrek met 100 kralen

Het rekenrek met 100 kralen heeft tien stangen van tien kralen. Je stelt er getallen tot 100 mee voor, telt per tiental en maakt de vriendjes van 100 zichtbaar. De vijf bovenste stangen hebben soms een andere kleur dan de onderste, zodat je 50 in één oogopslag herkent. Het bereidt goed voor op de positietabel en hoofdrekenen met tientallen.

Rekenrek, tienveld en getallenlijn

Het rekenrek vervangt de andere hulpmiddelen niet, het vult ze aan. Het tienveld toont dezelfde structuur per 5 met fiches; de getallenlijn toont de volgorde van getallen en de sprongen. Van het ene naar het andere gaan helpt je kind begrijpen dat het om dezelfde getallen gaat. Stap voor stap vervang je het materiaal door een tekening van het rekenrek, en daarna door een beeld in het hoofd.

Zelf een rekenrek maken

Een rekenrek maak je makkelijk zelf: een stuk stevig karton of hout, twee touwtjes of saté-prikkers, en twintig kralen (tien rode en tien witte). Rijg op elk touwtje vijf rode en dan vijf witte kralen. Zelf een rekenrek maken is een leuke activiteit, en je kind kan het thuis voor zijn huiswerk gebruiken.

Oefeningen met oplossingen

  1. Hoe toon je 8 in één beweging?
  2. Op een stang zijn 4 kralen geschoven. Hoeveel blijven er over?
  3. Toon 7 + 7 op de twee stangen. Hoeveel kralen?
  4. Reken 9 + 6 door de bovenste stang vol te maken.
  5. Reken 15 − 7 met het rekenrek.

Oplossingen. 1. 5 rode en 3 witte. 2. 6. 3. 14. 4. 9 + 1 + 5 = 15. 5. 15 − 5 − 2 = 8.

Vraag altijd één beweging: geen kralen één voor één schuiven.

Veelgemaakte fouten

De grootste fout is de kralen één voor één schuiven en tellen, waardoor het hulpmiddel zijn nut verliest. Een andere fout: niet alle kralen terug naar rechts zetten voor een nieuw getal. Sommige kinderen kijken ook niet naar de kleuren. De regel van één beweging herhalen en “5 en 2” laten zeggen voor 7 verbetert de meeste van die gewoontes.

Vanaf welke leeftijd?

Het rekenrek wordt al in de 3e kleuterklas gebruikt voor kleine hoeveelheden, en vooral in het 1e en 2e leerjaar voor getallen tot 20 en rekenstrategieën. Ook later blijft het nuttig voor kinderen die moeten visualiseren, zeker bij dyscalculie. Lees ook het rekenrek bij dyscalculie.

Een hulpmiddel voor de hele klas

Een groot demonstratierekenrek, zichtbaar voor iedereen, maakt korte klassikale activiteiten mogelijk aan het begin van de les: de leerkracht toont een hoeveelheid, de leerlingen schrijven het getal op hun wisbordje. Zo zie je in één oogopslag wie de structuur al gebruikt en wie nog telt.

Rekenrek en wisbordje

Combineer het rekenrek met een wisbordje: je kind toont een getal op het rekenrek en schrijft het daarna op, of omgekeerd. Zo verbind je de hoeveelheid met het geschreven cijfer.

Samengevat

Het rekenrek is een telraam met twee stangen van tien kralen, vijf rode en vijf witte. Je toont elk getal in één beweging, waardoor groepjes van 5 en 10 zichtbaar worden. Het maakt de vriendjes van 10, de dubbels, de brug over 10 en het aftrekken zichtbaar, en helpt je kind om niet langer één voor één te tellen.

Veelgestelde vragen

Wat is een rekenrek?

Een telraam met twee stangen van tien kralen (vijf rode, vijf witte) dat helpt om getallen tot 20 te zien.

Hoe gebruik je een rekenrek?

Je schuift de kralen in één beweging naar links om een getal te tonen, zonder ze één voor één te tellen.

Waarvoor dienen de kleuren?

Ze maken groepjes van 5 zichtbaar, zodat je een hoeveelheid herkent zonder te tellen.

Hoe maak je de brug over 10 met het rekenrek?

Vul de bovenste stang aan met kralen van de onderste: 8 + 5 wordt 10 + 3.

Kun je zelf een rekenrek maken?

Ja, met stevig karton, twee touwtjes en twintig rode en witte kralen.