Naar de inhoud
FRNL
Home›Artikels›Toetsen bij dyscalculie, dyslexie en dyspraxie

Wiskunde begrijpen · Praktische gids

Toetsen bij dyscalculie, dyslexie en dyspraxie

Een toets moet meten wat een kind kan, niet hoe snel het leest of tekent. Redelijke aanpassingen zorgen daarvoor. Zo bereid je ze voor.

Tekstgrootte
Ook in het FransLire en français
Mathia, de mascotte van ProfMathia

Begrijpen. Proberen. Uitleggen.

Bijgewerkt op 31 oktober 2026 · 6 minuten lezen

Wat zijn redelijke aanpassingen?

Redelijke aanpassingen zijn maatregelen die een leerling met een leerstoornis helpen om te tonen wat hij kent, zonder de leerdoelen te verlagen. Ze compenseren de stoornis, ze geven geen voordeel. In Vlaanderen bespreekt de school ze met de ouders, de leerling en vaak het CLB.

Veelgebruikte aanpassingen bij toetsen

  • Extra tijd of een toets in delen.
  • Voorlezen van de opdrachten of voorleessoftware.
  • Een vergrote kopie met een leesbaar lettertype.
  • Hulpmiddelen zoals een tafelkaart, een overzicht van maten of een rekenmachine bij bepaalde opdrachten.
  • Een rustig lokaal met minder afleiding.
  • Mondeling toelichten van een antwoord.

Welke aanpassingen passen, hangt af van het kind en van wat de toets wil meten.

Afspraken maken met de school

  1. Vraag een gesprek met de leerkracht en de zorgcoördinator.
  2. Breng een verslag of diagnose mee als je die hebt.
  3. Bespreek welke aanpassingen in de klas al werken.
  4. Leg de afspraken vast, zodat ze ook bij een nieuwe leerkracht gelden.

Externe toetsen

Ook bij toetsen buiten de school, zoals oefentoetsen in de stijl van de Vlaamse toetsen in het 4e en 6e leerjaar, kunnen aanpassingen bestaan. Vraag tijdig aan de school welke aanpassingen bij die toetsen voorzien zijn en hoe ze aangevraagd worden.

Oefenen met aangepaste toetsen

Een kind dat de vorm van een toets kent, is minder gespannen. Oefen thuis met dezelfde aanpassingen als in de klas, zoals voorlezen of extra tijd. ProfMathia heeft een aangepaste oefentoets wiskunde voor het 6e leerjaar, met een leesbare opmaak en zonder tijdsdruk.

Een toets voorbereiden: een stappenplan

  1. Twee weken vooraf: vraag de leerkracht welke leerstof en welke aanpassingen voorzien zijn.
  2. Eén week vooraf: oefen thuis met dezelfde hulpmiddelen als op school, bijvoorbeeld de tafelkaart.
  3. Een paar dagen vooraf: maak een korte oefentoets in dezelfde vorm.
  4. De avond ervoor: geen nieuwe leerstof, wel een rustige herhaling en voldoende slaap.
  5. De dag zelf: herinner je kind aan de afspraken, bijvoorbeeld dat het om voorlezen mag vragen.

Wat aanpassingen niet zijn

Redelijke aanpassingen verlagen de leerdoelen niet. Een leerling met dyscalculie krijgt dezelfde vragen, maar bijvoorbeeld met meer tijd of een hulpmiddel. Het gaat om compenseren, niet om bevoordelen. Als een aanpassing de leerdoelen wel zou veranderen, zoals een rekenmachine bij een toets over hoofdrekenen, dan wordt ze meestal niet toegestaan. Dat onderscheid helpt om met de school tot duidelijke afspraken te komen.

Na de toets

Bespreek de toets met je kind: wat ging goed, wat was moeilijk, hielpen de aanpassingen? Deel die feedback met de school. Werkt een aanpassing niet, of is er een andere nodig, dan kan het plan worden bijgestuurd. Aanpassingen zijn geen vast pakket, maar groeien mee met het kind en de leerstof.

Tips voor ouders

Houd een kort overzicht bij van de afgesproken aanpassingen en neem het mee naar oudercontacten. Vraag bij een nieuwe leerkracht of het overzicht bekend is. Help je kind om zelf voor zijn aanpassingen op te komen: "Mag ik de vraag voorgelezen krijgen?" Die zelfstandigheid is ook belangrijk voor later, in het secundair onderwijs.

Tips voor leerkrachten

Zorg dat de afgesproken aanpassingen bij elke toets klaarliggen, zonder dat de leerling erom moet vragen. Geef een aangepaste versie zo veel mogelijk dezelfde uitstraling als de gewone, om stigmatisering te vermijden. Noteer na de toets of de aanpassingen voldoende waren. Die informatie is waardevol voor het zorgteam en voor de leerkracht van volgend jaar.

Een herkenbare situatie

Stel: een leerling van het 6e leerjaar met dyscalculie raakt bij elke wiskundetoets in paniek omdat hij de tijd niet haalt. Na overleg krijgt hij extra tijd en mag hij een tafelkaart gebruiken. Bij de volgende toets werkt hij rustiger, maakt hij alle opgaven en haalt hij een resultaat dat beter overeenkomt met wat hij in de klas toont. De aanpassingen gaven hem geen voordeel, maar haalden een drempel weg die niets met de leerstof te maken had.

Veelvoorkomende misverstanden

  • "Aanpassingen zijn oneerlijk tegenover de anderen." Ze compenseren een beperking, net zoals een bril bij slecht zicht.
  • "Met aanpassingen leert het kind niet meer zelfstandig werken." Integendeel: het kind kan zich concentreren op wat het moet leren.
  • "Aanpassingen zijn voor altijd hetzelfde." Ze worden geëvalueerd en bijgestuurd naarmate het kind evolueert.

Aanpassingen voor dyslexie en dyspraxie

Bij dyslexie zijn voorlezen, een groter lettertype en extra tijd de meest gebruikte aanpassingen. Bij dyspraxie gaat het eerder om minder schrijfwerk, digitale hulpmiddelen of een soepelere beoordeling van tekeningen bij meetkunde. Lees meer in dyslexie en rekenen en dyspraxie en meetkunde.

Naar het secundair onderwijs

Bij de overgang naar het secundair onderwijs is het belangrijk om de afspraken over aanpassingen mee te nemen. Bespreek tijdig met de nieuwe school welke aanpassingen tot nu toe werkten. Een overzicht van de afspraken, eventueel samen met het verslag, maakt de start een stuk makkelijker. Leer je kind ook om zelf te vertellen wat het nodig heeft.

Checklist voor het oudercontact

  • Welke aanpassingen zijn afgesproken?
  • Gelden ze voor alle vakken en alle toetsen?
  • Zijn ze ook voorzien bij externe toetsen?
  • Wie volgt de afspraken op?
  • Wanneer worden ze geëvalueerd?

Rekenangst verminderen

Rekenangst kan een toets meer verstoren dan de leerstoornis zelf. Praat met je kind over wat het spannend vindt. Oefen ontspanningstechnieken, zoals rustig ademhalen voor de toets begint. Laat het kind beginnen met de opgaven die het zeker kan, zodat het met een goed gevoel start. Een leerkracht die vooraf vertelt hoe de toets eruitziet, neemt al veel onzekerheid weg.

Wat je vandaag al kunt doen

  1. Vraag een gesprek met de zorgcoördinator als er nog geen afspraken zijn.
  2. Maak een lijstje van wat thuis helpt bij het oefenen.
  3. Oefen een volgende toets thuis met dezelfde hulpmiddelen als op school.
  4. Bespreek na de toets met je kind of de aanpassingen hielpen.

Duidelijke afspraken geven rust, aan het kind én aan de ouders.

Rust en zelfvertrouwen

Rekenangst kan een toets meer verstoren dan de leerstoornis zelf. Herhaal met je kind wat het al goed kan, plan oefenmomenten ruim op voorhand en zorg voor voldoende slaap. Meer tips lees je in dyscalculie herkennen en dyslexie en rekenen.

Veelgestelde vragen

Welke aanpassingen zijn mogelijk bij een toets?

Bijvoorbeeld extra tijd, voorlezen, een vergrote kopie, hulpmiddelen zoals een tafelkaart en een rustig lokaal.

Heb je een diagnose nodig voor aanpassingen?

Niet altijd. Scholen kunnen ook zonder diagnose ondersteuning bieden, maar een verslag maakt afspraken vaak duidelijker.

Gelden aanpassingen ook bij externe toetsen?

Vaak wel, maar de regels verschillen per toets. Vraag tijdig aan de school wat voorzien is.

Verlagen aanpassingen de leerdoelen?

Nee. Redelijke aanpassingen compenseren de leerstoornis, maar de leerdoelen blijven dezelfde.

Wie beslist over de aanpassingen?

De school, in overleg met de ouders, de leerling en vaak het CLB.

Mag mijn kind een tafelkaart gebruiken bij een toets?

Dat hangt af van de afspraken en van wat de toets meet. Bij een toets over vraagstukken wordt een tafelkaart vaak toegestaan.

Wat doe ik als de afgesproken aanpassingen niet toegepast worden?

Neem contact op met de leerkracht en de zorgcoördinator, en vraag om de afspraken opnieuw te bekijken.

Krijgt mijn kind ook aanpassingen in het secundair onderwijs?

Dat kan, maar de nieuwe school beslist opnieuw. Geef tijdig de afspraken en het verslag door.

Is extra tijd altijd de beste aanpassing?

Niet altijd. Soms helpen voorlezen, een hulpmiddel of minder opgaven meer dan extra tijd.